Home Extreem-rechts De nazi’s van Poetin: de ‘Wagner-groep’ en de verdekte oorlog van de Russische huurlingen

De nazi’s van Poetin: de ‘Wagner-groep’ en de verdekte oorlog van de Russische huurlingen

2
De nazi’s van Poetin: de ‘Wagner-groep’ en de verdekte oorlog van de Russische huurlingen

Door Leonardo Bianchi

Het origineel verscheen op de website van Valigia Blu en is hier te vinden: I nazisti di Putin: il ‘gruppo Wagner’ e la guerra nascosta dei mercenari russi (PZ)

In een videoboodschap die in de eerste dagen na de Russische invasie in de Oekraïne werd verspreid, zei Volodymyr Zelenskyy dat “de vijand mij tot doelwit nummer één heeft gemaakt“, terwijl “mijn familie het tweede doelwit is.”

Volgens de Times uit London en de Oekraïense autoriteiten waren er inderdaad honderden “saboteurs” en huurlingen in de hoofdstad Kyiv die klaarstonden om de president te vermoorden; het plan werd echter verijdeld door de Oekraïense veiligheidsdiensten. In totaal waren er drie pogingen: één onder leiding van de zogenaamde “kadyrovieten“, leden van een militaire elitegroep die rechtstreeks verantwoording afleggen aan de leider van Tsjetsjenië, Ramzan Kadyrov; en de andere twee door huurlingen van de beruchte “Wagner-groep.”

Deze naam duidt op Ruslands meest beruchte en controversiële particuliere paramilitaire bedrijf, dat in 2014 ontstond en voor het eerst opdook in het Donbass-conflict. Sindsdien hebben leden van Wagner deelgenomen aan andere oorlogen en operaties in de wereld, zijn zij beschuldigd van schendingen van de mensenrechten en hebben zij sancties opgelegd gekregen van de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en de Europese Unie.

En nu zijn ze weer terug waar het allemaal begon, afgaande op verschillende aanwijzingen en officiële verklaringen.

Vlak voor het begin van de Russische invasie in Oekraïne hadden Westerse inlichtingendiensten aan de New York Times verteld dat zo’n 300 leden van het gezelschap de zelfbenoemde “volksrepublieken” Donetsk en Lugansk waren binnengedrongen – hetzij om aanslagen uit te voeren en de Oekraïners de schuld te geven, hetzij om de separatisten te steunen (zoals ze in 2014 al eerder hadden gedaan).

Volgens een door de BBC geïnterviewde huurling waren in de aanloop naar de invasie vele Wagner-veteranen via Telegram benaderd en uitgenodigd om in overdrachtelijke zin deel te nemen aan een “picknick in Oekraïne” om “Salo” (buikspek, een typisch Oekraïens gerecht) te proeven. Daarna vertelde hij over de intensivering van de wervingscampagne met het oog op de oorlog in de Oekraïne.

Verplaatsingen van Wagner-soldaten zijn ook in Afrika geregistreerd. De website HumAngle, opgericht door de Nigeriaanse journalisten Obiora Chukwumba en Ahmad Salkida, meldde dat verscheidene leden van de groep begin maart de Centraal-Afrikaanse Republiek hadden verlaten. In een interview met The Voice of America sprak de Amerikaanse generaal Stephen Townsend (bevelhebber van het U.S. Africa Command) over “rekrutering” van Russische huurlingen in Libië.

Bron Facebook.

Op 8 maart doken de eerste bewijzen van hun aanwezigheid op het slagveld op. De Facebook-pagina van de Oekraïense militaire inlichtingendienst plaatste een foto van een vreemd militair naamplaatje: aan de ene kant staat een e-mailadres en een Syrisch nummer; aan de andere kant staat de inscriptie “help ons en neem contact met ons op” in het Engels, Frans en Arabisch.

In de begeleidende tekst wordt beweerd dat de gedenkplaat in kwestie toebehoort aan een huurling van Wagner, waarvan de leden – zo gaat het bericht verder – “stervende zijn” en “samen met het leger van de agressor vechten.”  Op 22 maart bevestigde een bron bij het Pentagon dat “de Wagner-groep actief is in de Oekraïne, en wij geloven dat zij voornamelijk in het Donbass-gebied gestationeerd zijn.

Het is echter moeilijk om het daadwerkelijke aantal huurlingen dat in Oekraïne wordt ingezet en hun activiteiten ter plaatse volledig te achterhalen. Per slot van rekening, zo vertelde onderzoeker Aanu Adeoye aan iNews, zijn particuliere paramilitaire bedrijven vaak “zeer schimmige organisaties” die opereren in het schimmige informatiegebied dat wordt gecreëerd door de zogenaamde “mist van de oorlog (fog of war).

In dit geval is er nog een ander element die het nog ingewikkelder maakt: op papier bestaat de Wagner Group niet eens.

De opkomst van particuliere militaire bedrijven in het Rusland van Poetin

Het eerste wat men moet begrijpen over de Wagner Groep, schreef Amy Mackinnon in Foreign Policy, is dat “de Wagner Groep niet bestaat” – vanuit juridisch oogpunt gezien. De Russische wetgeving verbiedt uitdrukkelijk particuliere paramilitaire ondernemingen en tolereert, althans in theorie, geen huurlingen.

Vanuit inhoudelijk oogpunt, vervolgt Mackinnon, is het verre van een monolithische entiteit, maar eerder “een netwerk van zakenlieden en huurlingengroepen, verenigd door economische belangen […] en betrokken bij diverse activiteiten, waaronder het onderdrukken van opstanden en pro-democratische protesten, het verspreiden van desinformatie, de exploitatie van goud- en diamantmijnen, en natuurlijk militaire operaties.”

Maar hoe is het zover gekomen? En wat is de werkelijke rol van de “Wagner-groep” binnen het machtsapparaat van Poetin? En waarin verschilt dit Russische particuliere paramilitaire bedrijf van dat van andere landen, zoals het Amerikaanse Blackwater?

Het begin dateert, zoals gezegd, van 2014 in Oost-Oekraïne – maar de oorsprong ervan is nog ouder, aangezien het een product is van de onontwarbare verstrengeling van publieke en particuliere belangen in het Rusland na de ineenstorting van de Sovjet-Unie.

Met name, zo reconstrueert een paper van Candace Rondeaux, gepubliceerd op de website New America, werden de fundamenten voor de opkomst van particuliere Russische militaire bedrijven gelegd in de jaren negentig, toen de toenmalige president Boris Jeltsin de (onlangs geprivatiseerde) energie- en oliegiganten toestond echte “particuliere legers” op te bouwen.

In die tijd zijn veel leden van elite-legercorpsen overgestapt naar de bedrijfsbeveiligingssector, terwijl zij banden behielden met de strijdkrachten en in het bijzonder met de militaire veiligheidsdiensten die werden gedomineerd door de siloviki (de “sterke mannen” die loyaal zijn aan Poetin).

Een van de eerste bedrijven die deze formule toepasten is Anti-Terror Orel, opgericht door veteranen van de militaire inlichtingendienst en de spetsnaz (speciale korpsen). In de jaren negentig werden leden van de Orel-groep in Irak ingehuurd om land te ontmijnen en de energie-infrastructuur te beschermen.

Aan het eind van hetzelfde decennium richtte de voormalige KGB-agent Vjatsjeslav Kalasjnikov de Moran Security Group op. Aanvankelijk was het gespecialiseerd in de bestrijding van piraterij in de Golf van Aden en de Indische Oceaan, maar later breidde het zijn activiteiten en reikwijdte uit tot Irak, Somalië, Afghanistan en andere landen.

Een huurling van het Slavonic Corps in Syrië.

In 2013 richten huurlingen van de Moran Security Group in Sint-Petersburg een divisie op, het Slavonic Corps, die specifiek tot doel heeft olievelden en gaspijpleidingen in het door burgeroorlog verscheurde Syrië te beschermen. De enige missie van het Slavonic Corps loopt echter vreselijk mis: de Russische huurlingen, ingehuurd door het regime van Bashar al-Assad, delven het onderspit in de strijd met ISIS-militanten nabij Deir el-Zor en slagen er niet in een belangrijke oliepijplijn te heroveren.

Bij hun terugkeer naar Rusland worden de overlevenden van die strijd – evenals enkele leiders van de Moran Security Group – door FSB-agenten op de luchthaven Moskou-Vnukovo gearresteerd op beschuldiging van “huurlingenactiviteiten“. Zoals professor Kimberly Marten van de Universiteit van Columbia opmerkte, “weten wij niet wat de echte reden van hun arrestatie is, maar zij weten het heel goed“; de meest waarschijnlijke hypothese is dat zij iemand binnen de GRU of het leger hebben geërgerd die niet geërgerd had mogen worden.

Volgens een reconstructie van de Russische onderzoeksjournalist Denis Korotkov behoorde Dmitry Utkin – een veteraan van de Tsjetsjeense oorlogen en tot 2013 kolonel bij de GRU, de militaire inlichtingendienst – tot de rangen van de Moran-groep en het Slavonic Corps. Utkin is bekend onder de nom de guerre “Wagner” (een eerbetoon aan de favoriete componist van Adolf Hitler) en heeft volgens de Meduza-website openlijke nazi-sympathieën.

In 2014 verliet hij de groep Moran en zette hij zijn eigen bedrijf op, waarbij hij een particulier militair bedrijf oprichtte dat zijn naam zou dragen: de “Wagner-groep“, om precies te zijn.

Hotdogs in Sint-Petersburg, onthoofdingen in Syrië en diamanten in de Centraal-Afrikaanse Republiek

Hoewel het veel gemeen heeft met het Slavonic Corps en de Moran Security Group – te beginnen met commandant Utkin – vertegenwoordigt de “Wagner Group” een belangrijke evolutie in het model van de Russische particuliere paramilitaire bedrijven.

Voor journalist Pjotr Sauer (die zich sinds 2014 met dit onderwerp bezighoudt) zijn de soldaten van Wagner “meestal ouder dan 35 jaar“, zijn het veteranen “met veel gevechtservaring” en “worden ze zeer goed betaald” – tussen tweeduizend en vierduizend euro per maand, veel meer dan een gewone militair verdient.

Dergelijke bedragen kunnen voornamelijk worden betaald dankzij één persoon, die door verschillende kranten wordt omschreven als de belangrijkste financier van de groep: de oligarch Jevgeni Prigozhin, die zeer dicht bij Poetin staat. Hij is geboren in 1961 in Sint-Petersburg en heeft bijna de gehele jaren tachtig in de gevangenis doorgebracht wegens misdrijven die verband hielden met de georganiseerde misdaad.

Toen hij vrij kwam, begon hij hotdogs te verkopen in zijn geboortestad. Vanaf dat moment was zijn opmars onweerstaanbaar: samen met enkele partners opende hij een restaurantketen, en in de jaren 2000 haalde hij contracten binnen om de catering te verzorgen voor het leger, de politie, scholen, ziekenhuizen en het Kremlin – zozeer zelfs dat de pers hem “de kok van Poetin” noemde.

Prigozhin (rechts) in het gezelschap van Poetin in 2010.

Naast het restaurantbedrijf heeft Prigozhin beslist schimmigere belangen. Volgens de VS (die hem meerdere malen sancties hebben opgelegd) zit de oligarch achter het in Sint-Petersburg gevestigde Internet Research Agency, de ‘trollenfabriek‘ die – onder meer – wordt beschuldigd van inmenging in de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016, de onderzoeken naar het neerhalen van vlucht MH17 en de Brexit-campagne.

Met andere woorden, zo valt te lezen in een onderzoek van de website Bellingcat, de “desinformatie, politieke inmenging en militaire operaties” van de oligarch “zijn nauw verbonden met het Russische ministerie van Defensie en de GRU.” In deze hybride infrastructuur waarin zaken, politiek en huurlingen vermengd zijn, speelt de “Wagner Group” een cruciale rol.

Na hun eerste officieuze optreden in Oost-Oekraïne zijn de huurlingen van de particuliere militaire onderneming naar Syrië gevlogen om er aan de zijde van de regeringstroepen van Bashar al-Assad en het Russische leger te vechten. Volgens verschillende berichten heeft de “Wagner Group” bijgedragen aan de herovering van Palmyra, deelgenomen aan operaties tegen ISIS en olievelden en pijpleidingen beveiligd – uiteraard in ruil voor een aanzienlijk deel van de opbrengst.

En dat niet alleen: ze hebben verschillende oorlogsmisdaden begaan, waaronder de onthoofding van de deserteur van het Syrische leger Muhammad “Hamdi Bouta” Taha al-Abdullah (een wrede moord die op video werd vastgelegd, op bevel van Utkin zelf); en in 2018 kwamen zij zelfs in botsing met leden van de speciale strijdkrachten van de VS in een vier uur durend gevecht dat plaatsvond rond de Conoco gasfabriek in Deir el-Zor, waarbij veel slachtoffers vielen (schattingen lopen uiteen van honderd tot tweehonderd doden). Voor zijn diensten in Oekraïne en Syrië kreeg Utkin in december 2016 echter een medaille van dapperheid op het Kremlin, in aanwezigheid van Vladimir Poetin.

Naast Syrië is de “Wagner Group” ook in verscheidene Afrikaanse landen ingezet. Tussen 2019 en 2020 sloten ze zich aan bij het Libische nationale leger van generaal Khalifa Haftar (“Libyan National Army“), en namen ze deel aan het mislukte beleg van Tripoli en het offensief tegen premier Fayez al-Serraj en de regering van nationaal akkoord.

Uit een onderzoek van de BBC, dat mogelijk werd gemaakt door de ontdekking van een tablet van een huurling van Wagner, bleek dat de particuliere militaire onderneming ook verantwoordelijk was voor oorlogsmisdaden in Libië – waaronder het willekeurig doden van burgers en gevangenen, en het leggen van mijnen en explosieven in civiele gebieden.

In september 2019 arriveerden Russische huurlingen in Mozambique om hard op te treden tegen jihadistische milities van Al-Shabaab (gelieerd aan Isis) in de Cabo Delgado regio, die rijk is aan aardgas en edelstenen. Volgens de Moscow Times was deze opdracht toevertrouwd door president Filipe Nyusi, die in augustus van dat jaar Moskou had bezocht om met Poetin verschillende samenwerkingsovereenkomsten op het gebied van energie en veiligheid te ondertekenen.

De nederlaag van de milities was een van de hoofdpunten van Nyusi’s verkiezingscampagne (die hij met een ruime marge won, in wat de oppositie een “megafraude” noemde), maar de “Wagner-groep” kwam in grote moeilijkheden, zowel door het lastige terrein als door misverstanden met het Mozambikaanse leger. Hun interventie was echter geenszins succesvol; integendeel, de huurlingen leden zware verliezen.

Het ging veel voorspoediger in de Centraal-Afrikaanse Republiek, waar de “Wagner-groep” in 2017 arriveerde en president Faustin-Archange Touadéra en zijn regering redde door te helpen een gewapende rebellenopstand in verschillende delen van het land neer te slaan. Sindsdien is, volgens een uitgebreid artikel in de Financial Times, de uitvoerende macht van Bangui “gegijzeld” door de huurlingen; Touadéra’s veiligheidsafdeling wordt geleid door de Russen, en sinds 2018 is zijn “speciale nationale veiligheidsadviseurValery Zakharov, een voormalige dienstagent die op de loonlijst van Prigozhin staat.

De diensten van de particuliere paramilitaire onderneming, die ook de opleiding van het plaatselijke leger omvatten, worden terugverdiend met contracten voor de “beveiliging” van goud- en diamantmijnen en vooral met exploratieconcessies in de afzettingen, verbonden aan bedrijven die herleidbaar zijn tot de Russische oligarch.

Een standbeeld ter ere van Russische huurlingen in Bangui, de hoofdstad van de Centraal-Afrikaanse Republiek.

In de Centraal-Afrikaanse Republiek worden de huursoldaten van Wagner ook beschuldigd van schendingen van de mensenrechten, waaronder plunderingen, folteringen, standrechtelijke executies (waaronder van drie Russische journalisten) en verkrachtingen. Fatima, een vrouw die in 2021 door de Financial Times werd geïnterviewd, vertelde dat zij op een militaire basis was verkracht door drie Russische huurlingen. “Ze waren eng,” zegt ze, “we dachten dat ze vrede kwamen brengen. Nu wou ik dat ze nooit gekomen waren.”

Een strategie die sterk lijkt op die van de Centraal-Afrikaanse Republiek werd vervolgens in Mali toegepast. De interventie van de “groep Wagnerbegon in januari 2022 op verzoek van de regering, op hetzelfde moment als de terugtrekking van de Franse troepen (die sinds 2013 in het land waren).

Officieel moeten de Russische huurlingen voor bijna elf miljoen dollar per maand lokale strijdkrachten opleiden en vechten tegen de jihadistische milities van Al-Qaeda en Isis in de Sahel. In werkelijkheid omvat het pakket ook desinformatiecampagnes (zoals de verspreiding van valse opiniepeilingen en regeringsgezinde propaganda) en de exploitatie van natuurlijke hulpbronnen, die in Mali veel gecompliceerder is dan in de Centraal-Afrikaanse Republiek: de meeste mijnen worden gerund door gewapende groepen, die zich verzetten tegen de komst van de Russische huurlingen.

Poetins privéleger en de homeopathische “denazificatie” van Oekraïne

Wanneer men deze gevallen bekijkt, is het duidelijk dat de “Wagner-groep” geopolitieke, militaire en commerciële doelstellingen nastreeft die perfect samenvallen met die van de Russische staat. Niet verwonderlijk dat een BBC-onderzoek het omschreef als “Poetins privéleger.”

De regeringen die zich tot de huurlingen van Wagner hebben gewend, hebben dit gedaan vanwege hun politieke en militaire connecties op hoog niveau, en de huurlingen zelf geloven dat zij namens de Russische regering optreden.

Zij trainen immers op de “Molkino”-basis in Krasnodar, naast de kazerne van de GRU; zij hebben zij aan zij gevochten met gewone soldaten, hebben zich verplaatst in legervoertuigen en zijn behandeld in militaire ziekenhuizen; Utkin is door Poetin zelf geëerd; en sommige van hun gesneuvelden hebben een militaire begrafenisonderscheiding gekregen.

In de France 5-documentaire Wagner, l’armée de l’ombre de Poutine vertelt een Wagner-soldaat aan Franse journalisten dat “de Russische Federatie op dit moment nog geen imperium is, maar dat wel weer wil worden … de Wagner-groep is een van de instrumenten om dat te bereiken“.

Een ander verklaarde in een interview met de Russische krant Moskovsky Komsomoletsma over de ramp in Deir el-Zor dat de Wagner-soldaten “Rusland waren gaan verdedigen aan de grenzen van onze invloedssfeer. Ze stierven voor het vaderland, voor een idee.”

Marat Gabidullin – het enige voormalige Wagner-lid die een boek heeft gepubliceerd over zijn ervaringen in Syrië – vertelde Meduza dat het bij de voorbereiding van de missies voor iedereen duidelijk was dat “we deelnamen aan oorlogen waar onze staat belangen heeft.

Voor Gabidullin waren “de offers van huurlingen” in het Syrische conflict veel belangrijker dan ooit is verteld, en de successen van de onderneming zouden door officieren van het Russische leger zijn uitgebuit om carrière te maken. Wat volgens hem echt ontbreekt, is een vorm van erkenning door de staat. “De hele wereld weet dat een particulier militair bedrijf betrokken is bij de gevechten,” zegt hij, “alleen onze mensen geven het niet toe.”

Het Kremlin van zijn kant heeft altijd elke band met de “Wagner-groep” ontkend. En toch is het onweerlegbaar dat het Kremlin de “Wagner-groep op verschillende manieren en om verschillende redenen heeft gebruikt.

In de eerste plaats is er het economische voordeel: de huurlingen financieren zichzelf en drukken dus niet op de overheidsbegroting. Ten tweede maakt het gebruik van de Wagner het mogelijk de verliezen in verschillende oorlogsscenario’s te bagatelliseren. Bovendien is het een zeer nuttig instrument om te experimenteren met onconventionele methoden van politieke beïnvloeding en terzelfder tijd wapens te verkopen, zonder directe betrokkenheid van de staat.

Als de zaken goed gaan, zoals in de Centraal-Afrikaanse Republiek, is de opbrengst maximaal en zijn de kosten vrijwel nihil; als de zaken slecht gaan, kan de regering zich er altijd van distantiëren en diplomatieke consequenties ontlopen – zoals inderdaad is gebeurd bij de nederlaag in Deir el-Zor. Dit is ook de reden waarom particuliere militaire bedrijven in Rusland verboden zijn: “illegaliteit is een vorm van controle“, betoogt professor Kymberly Marten, “aangezien de Russische staat je kan aanvallen wanneer hij maar wil.

Tenslotte bevindt de “Wagner-groep” zich ook in een schemerig gebied om redenen van politiek opportunisme. Utkins ideologie is het nazisme, en ook andere soldaten – volgens een veteraan die door New Lines Magazine werd geïnterviewd – hebben “extremistische standpunten” of hebben tatoeages van heidense runen, zoals die in trek zijn bij blanke supremacisten.

Er is ook een eenheid binnen het bedrijf die volledig uit neonazi’s bestaat, de zogenaamde “Task Force Rusich“. Het “Rusich“, dat in de zomer van 2014 voor het eerst in Donbass opdook, heeft zich onderscheiden door zijn wreedheid en het begaan van oorlogsmisdaden. De commandant van de eenheid, Alexey Milchakov (nom de guerre “Fritz”), wordt door de Oekraïense justitie van het afsnijden van oren van gevangenen beschuldigd, het kerven van hakenkruizen in het lichaam van gevangen soldaten en het nemen van selfies terwijl hij voor stapels van verbrande lijken stond. In 2015 werd hij gesanctioneerd door Groot-Brittannië, Canada en de Europese Unie.

Volgens onderzoek op Telegram en VKontatke door de Britse NGO Tech Against Terrorism, zijn de huurlingen van Rusich teruggekeerd naar Oekraïne om deel te nemen aan de invasie – samen met andere Russische extreemrechtse paramilitaire groepen.

In Donetsk bijvoorbeeld wapperde de vlag van de Russische Imperiale Beweging (RIM) – een in Sint-Petersburg gevestigde neonazistische formatie die door de VS op de lijst van “buitenlandse terroristische organisaties” is geplaatst. Ook in Oost-Oekraïne zouden militanten van de Russische Nationale Eenheid aanwezig zijn, een andere neofascistische groepering die eerder al aan de zijde van de pro-Russische separatisten heeft gevochten.

De grote paradox is dat Poetins aangekondigde “denazificatie” een soort homeopathisch middel is: het zijn Russische nazi’s die voorop lopen om de Oekraïne te bevrijden van “nazi’s.”

 

2 REACTIES

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in